Van AI-experiment naar auditstrategie: waarom internal audit nu keuzes moet maken
Generatieve AI ontwikkelt zich razendsnel van experimentele technologie tot een praktisch hulpmiddel voor internal audit. Volgens Imran Nashir ligt de uitdaging inmiddels niet meer in de vraag óf auditafdelingen AI moeten gebruiken, maar hoe zij de technologie op een verantwoorde en structurele manier inzetten. Daarbij waarschuwt hij voor een valkuil die veel organisaties herkennen: beginnen bij de tool in plaats van bij de strategische doelstelling. Internal audit moet eerst bepalen welke waarde GenAI moet toevoegen, bijvoorbeeld door efficiënter documentanalyses uit te voeren, interviews voor te bereiden, patronen sneller te herkennen of de kwaliteit van rapportages te verbeteren. Juist nu auditafdelingen onder druk staan door toenemende risico's, beperkte capaciteit en een groeiende digitalisering van organisaties, kan GenAI routinewerk verlichten en auditors meer ruimte geven voor analyse, professioneel oordeel en advisering.
Een succesvolle implementatie vraagt volgens Nashir echter veel meer dan alleen technologie. Digitale vaardigheden, samenwerking met IT, security en data governance, kwalitatief goede kennisbronnen en duidelijke governance zijn minstens zo belangrijk. Daarom pleit hij voor een gefaseerde roadmap die begint met het ontwikkelen van AI-vaardigheden, gevolgd door standaardisatie van succesvolle toepassingen, integratie met interne auditkennis en uiteindelijk verdere automatisering via AI-agents. Daarbij blijft één uitgangspunt leidend: GenAI ondersteunt de auditor, maar vervangt nooit het professionele oordeel. Internal audit kan daarmee niet alleen de eigen effectiviteit vergroten, maar ook binnen de organisatie het voorbeeld geven van verantwoord en beheerst gebruik van kunstmatige intelligentie.
Dit is een samenvatting van het volledige artikel op autitmagazine.nl.